Kerstverhaal 2011

Mooie grote sneeuwvlokken vallen uit de lucht.
De straat is versierd met mooie kerstverlichting, dansende Kerstmannetjes en huppelende rendieren.
Kerstliederen klinken uit de luidsprekers.
Tijd van liefde, geluk. Tijd om naar elkaar om te kijken.
Geven aan de armen. De mensen die het nodig hebben.
De zieken, alleenstaanden of thuislozen. Vrede voor iedereen.
Massiëlle, een lieve jonge vrouw gelooft zeker in de kerst.
Alleen heeft de kerst haar nooit het juiste gevoel gebracht.
Ze heeft op jonge leeftijd haar ouders verloren. Woont alleen in een vervallen huis.
Heeft geen familie die naar haar om kijkt.
Mensen kijken langs haar heen, omdat ze eruit ziet als een zwerver.
De enige die haar trouw is, is haar trouwe kater Sneeuwbes.
Het is een grote rode kater met een witte bef onder zijn bekje.
Als Massiëlle het koud heeft, kruipt Sneeuwbes dicht op haar schoot. Zo warmt hij haar weer op.
Hij spint dan als een grote. Samen redden ze het net.
Nu wil Massiëlle echter kijken of er iemand is die echt de kerstgedachte waar kan maken.
Zo gezegd een echte engel te zoeken. Kijken of er nu nog steeds van deze mensen bestaan.


Massiëlle staat in een winkel waar de tv hard aan staat. Daar ziet ze een man druk vertellen.
Wat hij allemaal wil doen voor de slechtbedeelden in de maatschappij. Hij wil ze allemaal helpen. Zij is helemaal verkocht aan zijn woorden. Hij belooft als het ware een hemel op aarde voor de armen. Ze moet deze man echt eens vinden.
In het beeld komt een adres te staan, midden in de stad waar ze woont.
Blij gaat Massiëlle naar huis. Ze vertelt alles, zoals gewoonlijk aan Sneeuwbes. Deze miauwt vrolijk terug, alsof het een echt gesprek is.
Ze besluit om morgen het adres van deze man op te gaan zoeken.
Zodoende vanavond vroeg onder de wol. Sneeuwbes springt boven op het kussen. Drukt zijn kopje lief tegen zijn bazinnetje aan. Begint weer eens keihard te spinnen en Massiëlle nu maar hopen dat ze met dit lawaai haar slaap kan vatten.
De volgende ochtend maakt haar rammelende wekker haar met zijn laatste krachten wakker.
Ze schuift zich snel in de kleren. Sneeuwbes rolt van schrik pardoes van bed af. Massiëlle rent naar beneden waar ze snel een ontbijt in elkaar flanst. Met een slok melk net in de mond, drukt ze een snee brood er achter aan.


Intussen is ze ook al gereed om naar buiten te gaan. Neemt afscheid van Sneeuwbes, die nog steeds aan het bijkomen is. Ze sluit de deur met een klap achter zich, loopt in een stevige looppas naar de bushalte, maar kijkt wel uit dat ze niet uitglijdt door de sneeuw. Gelukkig had ze nog wat geld voor de bus, op de fiets is het nu niet echt te doen, de straten zijn nog te wit. Met de bus komt ze midden in de stad. Als ze net is uitgestapt, vliegt er rakelings langs haar hoofd een sneeuwbal. Intussen probeert ze niet uit te glijden. Ze kijkt verschrikt op. Een eindje verder staan twee jongens wat te lachen. Ze weten niet hoe snel ze weg moeten komen. ‘ Rotjongens,’ moppert Massiëlle. Ze weet gelukkig precies de straat waar ze moet zijn. Dus loopt ze direct die kant op.
Ondanks de gladheid is ze snel op de plek van bestemming. Het is een gewoon huis. Je moet er op een bel drukken.
Nu komt er toch enige twijfel bij Massiëlle. Zit ze wel goed, nou ja ze moet maar gewoon aanbellen.
Als ze goed zit, kunnen deze mensen haar vast goed helpen. Met enig zweet in de handen loopt ze voorzichtig naar de bel. Ze drukt er amper op. Toch geeft hij een hard indringend geluid. Van Schrik doet ze paar passen terug. Al gauw wordt de deur open gemaakt. Een vriendelijke vrouw doet open.
‘ Kan ik u helpen,’ vraagt ze vriendelijk. Massiëlle begint maar met het verhaal wat ze gisteren heeft gezien en ze vraagt of ze hier goed zit. De vrouw stelt haar gerust. Ze bevestigt dat ze goed zit.
Nou dan wil Massiëlle graag weten hoe ze haar kunnen helpen.
De vrouw begint te vertellen ‘ We willen de minima graag helpen. We zien dat zij het hards lijden onder het huidige beleid. Daarom voeren wij actie om te laten zien dat het zo niet langer kan.
‘Ja, wat heb ik daar nu aan,’ reageert Massiëlle enigszins verbaasd.
‘ Nou,’ gaat de vrouw verder, ’Als er meer mensen op onze partij gaan stemmen. Kunnen we ons beter inzetten voor een beter beleid voor de minderbedeelden. Onze partij is erbij gebaard dat we meer leden krijgen. Misschien is dat iets voor u. Door ons te steunen, steunt u uiteraard straks uzelf.

Het begint te draaien voor Massielle’s ogen. Maar dit is absoluut geen engel die haar een mooie kerstgedachte gaat geven. De woorden op tv waren mooier dan hier bij de deur. Ze wil hier weg. Ze poeiert de vrouw af met de woorden dat ze er toch nog even over na moet denken. Teleurgesteld druipt ze dan zelf maar af. De sneeuw voelt even heel koud aan de voeten. Maar de zoektocht gaat door.


Thuis aangekomen drukt Sneeuwbes zijn kopje lief tegen het gezicht aan. Even een blijk van troosten.
Massiëlle aait haar lieve knuffelbeest over zijn kopje.
‘ Ach, jij snapt mij alleen,’zegt ze liefkozend.
Massiëlle wil er toch nog even uit. Ze besluit Sneeuwbes mee te nemen aan een lijntje.
Dat doet ze wel vaker. Dan loopt hij gezellig mee naar buiten, daar kan hij niet weg lopen.
Ze gaan samen de deur uit. Sneeuwbes begint eerst wild met zijn pootjes te trekken in de sneeuw, maar al gauw doet hij zijn naam eer aan. Danst en springt hij er door heen.
Ze gaan naar het park vlak bij hun huis. In het park aangekomen is het best druk met mensen.
Het lijkt of er iets te doen is. Massiëlle is nieuwsgierig. Ze woelt zich tussen de mensen. Al kijkt ze wel uit dat niemand op Sneeuwbes gaat staan.
Dan ziet ze daar een levende Kerststal. Ach, ja dat hoort ook met kerst. Massiëlle heeft niks met het kerstverhaal. Al vindt ze de dieren die erbij staan wel interessant. Sneeuwbes vindt dit echter niet zo’n strak plan. Hij heeft er totaal geen behoefte aan, laat dat merken om soms wat te grommen.
Ineens komt er een jongere man op hun aflopen. Hij vraagt beleeft,’ Mag ik je één vraag stellen.’
‘ Ga je gang,’ antwoordt Massiëlle zonder er een probleem van te maken.
De man stelt de vraag,’ Heb je wel eens van Jezus gehoord.’ Massiëlle kijkt de man wat verbaasd aan.
‘Ja ‘, antwoordt ze wat ongemakkelijk.
‘Weet je ook wat hij voor de mensen deed’, gaat de man verder met een volgende vraag.
‘ He, dat is een tweede vraag,’ merkt Massiëlle lachend op, ‘Je vroeg me maar om één vraag.
De man is even van zijn stuk, maar moet dan ook wel even lachen. Al heeft Massiëlle nu echt wel zoiets dat die man mag opzouten. De vragen over Jezus interesseren haar niet. De man merkt de terughoudendheid van Massiëlle. Hij gooit het dan opeens over een hele andere boeg.

“Deze kerst kun je deelnemen aan het avondmaal en eeuwig geluk vinden. Je zult nooit meer honger en dorst hebben want je mag drinken van het levende water.’ Massiëlle weet niet wat dat allemaal betekent maar dit klinkt een stuk interessanter. Je zult aan de tafel zitten met arm en rijk, iedereen is gelijk en het is vrij voor iedereen. ‘ Massiëlle begint nu vrolijk te worden. Is hier de engel die haar het kerstgevoel brengt. Mag ik met anderen een onbezorgde kerst hebben.

‘ Waar is die kerstmaaltijd, ‘ vraagt ze haast gulzig.
De jonge man lacht,’ Dit avondmaal is in de kerk van Christus. Als je vandaag je hart aan hem geeft, mag je voor eeuwig deelnemen.’
‘Hoezo, mijn hart aan hem geven, het was toch vrij,’vraagt Massiëlle nu verbaasd.
‘Ja, natuurlijk is het vrij, maar je moet wel los komen van je zonden,’
‘ Ho, hé nu moet ik ook nog los komen van mijn zonden. Wat moet er allemaal nog meer gebeuren voordat ik werkelijk aan die maaltijd deel kan nemen.’
, Nou een ieder die de keuzeheeft gemaakt en zijn hart aan de heer heeft gegeven, laat zich dopen, zodat hij/zij gereinigd wordt van zijn zonden. En hij zal elke zondag deelnemen aan de diensten om Godswoord te horen,’vertelt de man vol vuur.
Alleen dooft het vuur bij Massiëlle totaal. Ze kijkt Sneeuwbes aan. Knikt naar hem.
‘ Je had gelijk dat je hiernaar gromde,’
Dan keert ze zich naar de man,’ Het is helemaal niet vrij.Ik moet eerst een heleboel dingen doen en laten. Ik wil blijven wie ik ben. Geaccepteerd zoals ik denk. En niet in een keurslijf van een religie worden gevormd. Ik dacht even dat je een engel was die ik zoek. Helaas, ondanks dat jezelf in engelen gelooft, ben jij het voor mij niet. Vrij zijn is als je er geen regels of voorwaarden aan verbindt.
Weer teleurgesteld draait Massiëlle zich om. Sneeuwbes doet juist trots zijn kopje weer in de lucht. Loopt fier door de sneeuw. Massiëlle begint te geloven dat engelen niet bestaan. Vooral niet met kerst.



Politieke partijen en religies zijn niet de engelen die je zonder voorwaarden accepteren.
Wat nu, waar moet Massiëlle het nu zoeken.
Ze zit gewoon weer thuis, heeft inmiddels de krant opengeslagen. Als haar oog valt op een grote advertentie van een prachtige kerstmarkt. Met gratis hapjes en drankjes voor iedereen toegankelijk.
Tot stand gekomen door de middenstand die iedereen een fijne kerst wil geven. Is de middenstand dan de engel die de kerst gevoel levend maakt bij Massiëlle. Het is toch nog het proberen waard.
Sneeuwbes gaat demonstratief in een rolletje op de bank liggen. Net of hij aan geeft. Ik doe hier niet meer aan mee. Marseille laat hem maar lekker.
Ze pakt nu de fiets, de straten zijn nu wel wat schoner. Rijdt alsnog voorzichtig naar het centrum.
Aangekomen ziet ze op een groot plein. Een mooi opgebouwde kerstmarkt. Wat een sfeer, gewoon prachtig. Er staan zoveel kraampjes. De hele middenstand is hier wel aanwezig. Het moet wel heel goed zijn. Het is er ook erg druk.

Massiëlle parkeert haar fiets. Ze loopt vol verwachting naar de markt. Ze komt bij het eerste kraampje. Heel benieuwd bukt ze zich naar voren, om te kijken wat je daar kunt krijgen. Er staan allemaal kerstbakjes op. Verschillende maten en vormen. Prachtig gemaakt. Alleen bij even goed kijken hangt overal toch een prijskaartje aan. De prijs mag er dan ook zeker wezen. Massiëlle deinst even terug. Toch loopt ze vol moed naar de volgende kraam. Het ziet er allemaal prachtig uit. Maar niks is gratis. Ze is erin getuind. Alles hier kost klauwen vol geld. Het grote bericht van gratis hapje en drankje blijkt echter meer een commerciële truc te wezen. Om zoveel mogelijk mensen te lokken. Het drinken staat er wel, maar stelt niet veel voor. Het draait om consumeren. Heel veel geld uitgeven. Daar heeft de middenstand voor gesponsord. Bedrogen door een zoete kerstgeest en gedachte. In de waan van alleen maar de wens te hebben om je even geaccepteerd te voelen. Nu lijkt het dat de kerst kwalijk genoeg zinloos voorbij zal gaan.
Verslagen loopt ze naar een muurtje, gaat zitten om daar in zichzelf gekeerd naar voren te staren.


Zo zit ze daar een redelijk tijd. Niet in de gaten dat er een jongen in wat slonzige kleren naast haar is gaan zitten. Zo te zien niet erg verzorgd. Half lang haar. Wel met een hele vriendelijke uitstraling.
Jasje vol met embleempjes, scheuren in zijn spijkerbroek, oude vlassige kisten aan.
Uit het niets biedt hij Massiëlle opeens een blikje cola aan. Massiëlle schrikt op uit haar afwezigheid.
Ze kijkt de jongen verbaasd aan. De eerste gedachten maken meester van haar.’Wat moet hij van haar.’ Ze wil eigenlijk gelijk nee zeggen. Als de jongen, voordat zij haar mond opent, direct zegt,’ He neemt het rustig aan. Ik zie dat je wel wat drinken kunt gebruiken. Ik kan het echt wel missen. En wees maar niet bang, ik doe je niks,’ besluit hij lachend. Massiëlle kijkt hem aan. Ze ziet dat hij het meent, een soort vertrouwen, dat neemt haar twijfel weg. Ze heeft zeker wel zin in drinken. Het blikje zit tenslotte ook nog dicht, dus hij kan er niks in hebben gedaan. Ze neemt het blikje aan. Doet hem open. Ze neemt paar flinke teugen.



‘ Zo, jij hebt een dorst’, zegt de jongen lachend.
‘Ach, ik had wel zin in wat drinken,’ bevestigt Massiëlle.
Zo komen ze langzaam in gesprek. Het blijkt een vlotte jongen te zijn.
Massiëlle heeft al gauw door dat hij verder nergens op uit is. Gewoon leuk, gezellig en vriendelijk.
Opeens stelt de jongen dan toch een rare vraag, waar Massiëlle even stil van valt.
Hij vraagt,’ Kan ik verder nog iets voor je betekenen of je met iets helpen.
Massiëlle is duidelijk even van slag en mompelt binnensmonds,’ Hoezo?’
‘Weet je,’ zegt de jongen, ‘ Het is kerst. Ik heb niet veel. Maar mijn wens is om dit jaar iets te betekenen voor iemand. Gewoon iemand helpen. Een speciaal persoon die dat waard is, zonder daar iets voor terug te krijgen.’

Massiëlle valt haast stijl achterover. Voor haar zit de engel die ze de hele tijd heeft gezocht, die het echte kerstgevoel kan geven. Hij ziet er net zo slecht gekleed uit als haar. Geeft haar gewoon een gevoel van waardering zonder er iets voor terug te vragen. Hij heeft verder niets, maar het is genoeg.
Massiëlle antwoordt,’ Je hoeft mij niks te geven of iets voor mij te doen, want dat heb je reeds gedaan. Jij was de engel die ik deze kerst wilde vinden. Waarvan ik op een geven moment dacht dat hij niet bestond. Ik houd jouw woorden na deze kerst voor altijd in mijn hart.’ Heel gelukkig neemt ze nog een slok van haar cola. Neemt afscheid van de jongen. Ze rijdt als het gelukkigste meisje naar huis waar Sneeuwbel haar voor de deur al op wacht, met een melodieuze miauwende kerstballade.

 

EINDE